Pragmaten moeders in paniek - Generations INC
36
post-template-default,single,single-post,postid-36,single-format-standard,bridge-core-3.0.1,qode-page-transition-enabled,ajax_fade,page_not_loaded,,qode-theme-ver-28.7,qode-theme-bridge,qode_header_in_grid,wpb-js-composer js-comp-ver-6.7.0,vc_responsive

Pragmaten moeders in paniek

Pragmaten moeders in paniek

Een vriendin vertelde mij vorig jaar over haar dagelijkse race tegen de klok: “Ik moet van kantoor weghollen om net op tijd bij de crèche te zijn. Dan moet ik als de sodemieter naar huis met twee vermoeide en hongerige kinderen. Ik slinger de waterkoker aan als ik mijn jas nog aan heb. Ik moet in 15 minuten een maaltijd in mekaar flansen om ervoor te zorgen dat de kinderen niet bovenop hun prakje in slaap vallen. Met een knorrende maag ga ik het bad-bed-boek ritueel in met de kinderen. Als het hele spul ligt ben ik kapot maar moet er nog veel in huis gebeuren. Het is eigenlijk elke avond een marathon.” Deze vriendin is inmiddels al 4 maanden thuis met een fikse burn-out.

Overal om mij heen zie ik leeftijdsgenoten van mij omvallen. Voornamelijk de moeders met jonge kinderen in mijn omgeving vallen bij bosjes om. Bij het eerste kind gaat het nog, maar bij de tweede of derde gaat het veelal mis. Krachtige vrouwen, in de bloei van hun leven, waarvan ik het eerder nooit voor mogelijk had gehouden dat ze overspannen zouden raken, laat staan in een burn-out terecht zouden komen. Wat is hier toch aan de hand? Waarom gaat het zo ongelooflijk vaak mis? Ik ben natuurlijk verre van de eerste die hier iets over zegt. Velen zijn bezig om deze vraag te tackelen en -belangrijker nog- om jonge moeders te helpen het hoofd boven water te houden en meer balans te creëren in de tropenjaren. Er zijn allerlei factoren die “meewerken” aan het probleem. Zo krijgen vrouwen op steeds latere leeftijd kinderen. Lichaam en geest zijn minder flexibel en herstellen minder snel. De jonge ouders zitten dan ook nog eens in de toptijd van hun carrière waardoor de tropenjaren wel erg tropisch worden. Overheid en organisaties faciliteren jonge ouders beperkt in het combineren van werk en privé.

Vanuit generatieperspectief valt deze situatie ook goed te verklaren. Ik behoor tot de pragmaten (geboren tussen 1970-1985), de generatie die nu middenin het spitsuur van het leven zit en met bovenstaande uitdaging te maken heeft. Deze generatie is opgevoed door de babyboomers (geboren tussen 1950-1955). Babyboomers zelf zijn opgegroeid in een conservatief, autoritair en genderstereotype systeem ‘Mannen zorgen voor het vlees op tafel en vrouwen zorgen thuis voor de kinderen’. De babyboomers hebben stappen gezet in de emancipatie en hun dochters meegegeven dat ook zij carrière moeten maken en (financieel) onafhankelijk moeten zijn. De pragmaten kinderen kregen op school gelijke kansen en werden voorbereid op het werkende leven. De babyboom ouders benadrukten het belang van schaapjes op het droge alvorens in de luiers te duiken. Vooral de babyboom moeders hebben dit hun dochters meegegeven ‘maak niet de fout die ik heb gemaakt door al op je 25ste poep te harken en de kans op een serieuze carrière mis te lopen’.

En dit is precies wat de pragmaten hebben gedaan. Punt is nu dat zij op werk een verantwoordelijke leidinggevende functie bekleden en er thuis peuters en kleuters rondscharrelen die hun vingers constant in stopcontacten steken. En het werken kan vaak niet in minder dan 4 dagen per week. Die druk wordt gevoeld en de norm is ‘allebei hard werken in combinatie met het runnen van een gezin’. Ik zie en hoor om mij heen dat vaders vaak een minder grote rol pakken in het runnen van het huishouden. Wellicht gevaarlijke uitspraak, maar mijn beeld is dat de mannelijke pragmaten destijds door hun babyboom moeders als prinsjes zijn opgevoed. Zij hebben niet van huis uit meegekregen om huishoudelijke taken op te pakken. Alhoewel veel moeders tegenwoordig net zo hard werken als vaders, trekken zij thuis toch nog veelal de kar. De verzorgende eigenschappen zijn van nature meer aanwezig en tijdens het zwangerschapsverlof ontstaat het patroon al. Daarbij komt het nadeel dat vrouwen zich vaak overal verantwoordelijk voor voelen, hun hoofd nooit uit staat, zij na het bevallen van het kind ook bevallen van een permanent schuldgevoel en moeilijker los kunnen laten dan mannen. Het zijn daarom vaak de moeders die omvallen.

Ik zou deze blog nu kunnen vervolgen met allerlei oplossingsrichtingen en ideeën om het tij te keren. Wat ouders zelf kunnen doen om thuis balans te houden. Hoe moeders grenzen kunnen aangeven. Hoe organisaties kunnen faciliteren en ondersteunen om jonge ouders duurzaam inzetbaar te houden. Welke mindset-switch gemaakt moet worden. Maar allereerst ben ik benieuwd of jullie dit probleem herkennen en daarnaast mijn verklaring vanuit generatieperspectief kunnen volgen? Als er genoeg reacties zijn kruip ik weer in de pen… 🙂

Artikel op LinkedIn